|
De Passo dello Stelvio (2757m), Stilfser Joch op zijn Duits (de
Duits-Italiaanse taalgrens lopt over de pas), is na de Col de l’Iseran
(2770m) en de Col de la Bonette (2802m) de op twee na hoogste Alpencol.
Deze bijzonder tot de verbeelding sprekende pasovergang tussen Trentino
en Lombardije volgt nog steeds het originele tracé uit de jaren
1820-1825 toen de weg door Oostenrijkse ingenieurs werd aangelegd. Het
enorme hoogteverschil van 1871 meter en de schier eindeloze reeks van 48
genummerde haarspeldbochten vanaf Gomagoi maken vooral de klim vanuit
Prato (Prad) tot een van de meest uitdagende in de Alpen.
Van de afslag
van de SS40 bij Spondinig tot aan Prato is de weg nagenoeg vlak, waarna
de klim geleidelijk inzet met bescheiden percentages door het dal van de
Schluderbach. Pas na passage van de eerste brug over de beek worden de
stijgingspercentages serieus en na Gomagoi begint de eigenlijke klim.
Nog eens viermaal wordt de beek overgestoken waarna in het bos van het
Trafoier dal regelmatig de tien procent wordt gehaald. Er lijkt geen
eind te komen aan het bos, maar eenmaal boven de boomgrens bij het
Gasthaus Weißer Knott is de hele verdere klim tot aan de top in één
blik te vangen; een fantastisch en ontmoedigend gezicht die opeenvolging
van haarspelden tegen het majestueuze decor van de Ortlerspitze en
Madatschgletscher. In de krappe haarspelden kunnen grotere bussen vaak
niet in één keer de bocht nemen zodat het op zonnige dagen in de zomer
na de ochtenduren regelmatig voorkomt dat de doorgang versperd wordt
door een touringcar. Vroeg vertrekken en juli en augustus bij voorkeur
mijden dus! De steilste passage is een stukje van 15% bij Weißer Knott,
verder wordt de 12% nergens overschreden. Eenmaal boven wordt het
hooggebergte landschap helaas verregaand ontsierd door de bekende
toeristenkermis die hier een complete winkelstraat beslaat. Om later op
de dag de drukte in de afdaling te ontlopen is er de interessante optie
om terug te fietsen via de Umbrail Paß. Weliswaar is er bovenin nog
steeds een strook van enige kilometers niet geasfalteerd maar bij goed
weer is dat zelfs op de smalste racebandjes geen enkel probleem. Dit
levert een fraai rondje van 65 kilometer op.
Wielerhistorie
In vroeger tijden vormde de Stelvio regelmatig de Cima Coppi
(hoogste punt) van de Giro d’Italia. Helaas is in mei de kans op
slecht weer en dichtsneeuwen aanzienlijk zodat de laatste jaren de
Stelvio niet meer wordt opgenomen.
|